Skip to content

Crossen moet!

4 oktober 2011

Onderstaand artikel komt van LosseVeter.nl  dé website voor hardlopers en hardloopnieuws. Toevallig hoort crossen tot mijn favoriete bezigheid en daarom maak ik er graag reclame voor. Bij deze.

‘Veldlopen hoort bij je opleiding’, stelt achtvoudig Nederlands crosskampioen Kamiel Maase. Hij is een van de beste crossers die we in Nederland hebben gehad. Misschien wel de beste. Met zijn acht nationale titels op de cross is hij namelijk lijstaanvoerder. Ook is hij de eerste Nederlandse atleet die bij de senioren een medaille won op een EK cross. Maase deed dat precies tien jaar geleden in het Zwitserse Thun waar hij zilver won tijdens het EK Cross. Hij moest toen 13 seconden toegeven op Sergey Lebed die toen één van zijn inmiddels negen crosstitels won. Maase won er zijn eerste, en enige, internationale medaille.

‘Crossen is heel puur, een sport voor bikkels. In de winter, of het nu sneeuwt of niet, vaseline op de benen en gaan. Niet zeuren maar lopen. Veldlopen was voor mij een manier om de winter in te vullen. Ik trainde dan zo’n 150 kilometer per week, deed wekelijks een duintraining en liep elke maand drie wedstijden over 12km. Dan had je een pittig programma. En na een paar maanden crossen was het even uitrusten en dan de zomer in.’

Cross als training
Maase is er dan ook van overtuigd dat het crossen een belangrijk ingrediënt is om in de zomer op de baan goed uit de voeten te kunnen. ‘Ik deed ieder jaar mee aan crossen. Ik vond het leuk. Het gaat niet om tijd, het gaat om strijd, je loopt met ziel en zaligheid. Ik heb me helemaal suf gelopen. En je merkt ook dat je na een goed veldloopseizoen sterk aan je baanseizoen begint.’

De crosstrainingen pasten goed in de periodisering van Maase. De winter stond normaal gesproken in het teken van wat meer extensieve trainingen. De crossen vormden specifieke trainingsmomenten in dat programma. ‘Voor de cross trainde ik heel veel basis. We hadden de wekelijkse trainingen in Duinrell waar we ook altijd wat heuvelsprints meenamen. Je doet verder heel veel in zone 2 en 3, lekker op de schelpenpaden in de duinen. Zo had je veel fartlek-achtige trainingen wat goed bij de cross past. In sommige seizoenen dan liep je een of twee keer in de maand zo’n cross gedurende een maand of vier. Dat waren de specifieke trainingsmomenten.’

Naast dit soort trainingen bereidde Maase zich niet specifiek voor op crossen. Crossen kunnen sterk van elkaar verschillen zoals qua ondergrond, obstakels en het aantal scherpe bochten maar Maase hield daar nooit bewust rekening mee. ‘Ik heb nooit in een schema gemerkt dat we bijvoorbeeld voor Soest nog een stukje zand gingen opzoeken.’

Blessuregevoeligheid
Soms hoor je wel eens atleten die de cross overslaan wegens de angst voor blessures. De Nederlands recordhouder op de marathon is het echter niet eens met deze stelling. ‘Misschien is er een klein risico doordat je door je enkel kunt gaan. Ik ben echter nooit door mijn enkel gegaan. Ik heb wel eens een peesschedeontsteking opgelopen omdat ik een schoen te strak had aangetrokken. Crossen is niet blessuregevoeliger dan andere wedstrijden waar je tot het gaatje gaat.’

Crosscultuur
De laatste jaren zie je de aandacht voor de cross steeds verder afnemen. Een tendens die al een lange tijd gaande is. Maase heeft tijdens zijn actieve carrière de aandacht voor de cross al zien afnemen. ‘Toen ik begon was de neerwaartse spiraal eigenlijk al ingezet. Het was een discipline die langzaam minder en minder werd. Dat realiseer je je omdat om je heen mensen als Nijboer en Ten Kate vertelden hoe het er vroeger aan toe ging. In de jaren van Ten Kate stonden er bij een NK 150 man aan de start. Dat zag je ook bijvoorbeeld in Soest waar ik in de beginjaren nog in een veld van 80 atleten liep en dat ik heb zien dalen naar 25 atleten. ‘

Maase betreurt deze ontwikkeling en ziet ook niet in waarom het crossen niet gecombineerd zou kunnen worden met bijvoorbeeld een voorjaarsmarathon. Ook toen hij de overstap van de baan naar de weg maakte is hij blijven crossen. ‘Toen ik de overstap naar de weg maakte en marathons ging lopen ging ik weliswaar wat minder crossen maar ben het wel blijven doen. Een nationaal kampioenschap meepakken in maart hoeft een voorjaarsmarathon niet in de weg te zitten. Er zijn ook atleten die twee weken voor de marathon nog een halve marathon lopen. Waarom zou je dan niet een veldloop meepakken van 12 kilometer?’

NK in november
Het afgelopen jaar is er veel discussie geweest over de toewijzing van het Nederlands kampioenschap aan de Warandeloop. Tegenstanders van dit besluit zijn vooral bang dat atleten na het NK het cross-seizoen alweer af zullen breken. Maase kan zich wel wat voorstellen bij deze kritiek. ‘Ik vind het toch iets geks hebben. Ik weet niet wat de beweegredenen waren. Wat je gaat zien is dat mensen waarschijnlijk op een heel verschillend moment staan in hun voorbereiding. Soms stond ik in de Warandeloop aan de start met slechts twee weken training in mijn benen. Dan had ik bijvoorbeeld pas één training van 8 keer 1000m gelopen in 3’20. Ja, vind je het gek dat ik dan nog niet scherp ben. Als je dan een NK houdt, krijg je uitslagen die vooral een weerspiegeling zijn van het aantal weken dat iemand zich heeft voorbereid. Een toernooi doe je in de atletiek niet aan het begin van het seizoen. Het is een beetje de boel omdraaien bijna.’

Om dit tegen te gaan is het cross-circuit nieuw leven ingeblazen. Of dit voldoende zal zijn om mensen op de cross te houden in de winter weet Maase niet maar hij vindt het een goed initiatief. ‘Ik vond het altijd wel mooi, dat crosscircuit met aan het einde een NK met dubbele punten. Dan geef je een NK extra waarde. Het circuit moet dan wel bestaan uit leuke wedstijden en goede tegenstand. Als die wedstrijden er niet zijn, dan is die uitdaging er niet.’

Cross als beste discipline?

Het is duidelijk dat crossen een belangrijk onderdeel is geweest voor Maase. En met een internationale medaille op deze discipline rijst de vraag of het zijn beste discipline was. Maar zo ver wil Maase niet gaan. ‘Ik was inderdaad goed op de cross maar ik denk dat op de baan niet alles eruit gekomen is. De EK’s waren eens in de vier jaar. In Budapest 1998 had ik een stressfractuur, de voorbereiding was alleen maar aquajoggen. Ik heb daar echt met onwijs veel pijn gelopen, eigenlijk was ik bij voorbaat kansloos , maar wilde er toch naartoe. In München kwam ik ten val. In 2006 koos ik voor de marathon. Ik koos voor de aanval en kwam helaas de man met de hamer tegen. Het was een keuze maar zo ben je dus weer vier jaar verder. Het EK Cross was elk jaar dus dan heb je meer kansen. Bij de WK ben ik ook wel eens eerste of tweede Europeaan geweest, maar daar heb je zo weinig aan.

Als we kijken naar de prestaties waar hij het meest trots op is dan liggen die vooral op de baan. ‘Dan verlaten we de cross wel een beetje. Die medaille bij het EK Cross vind ik nog steeds een heel mooi moment. Die beide achtste plaatsen op het WK in Sevilla en Parijs, vind ik ook mooie prestaties. Zeker nu je ziet welke grootheden daar liepen. De discipline waar ik het meest trots op ben is de 10.000m. Dat was heel lang mijn hoofdafstand. Daar heb ik een aantal jaren op rij in de Europese top kunnen meedraaien. De 27’26 is zeker mijn sterkste prestatie. Ik heb dat nooit zo vergeleken op lijstjes, maar ik denk dat hij t sterkst is. Als ik een gokje mag doen welke record het langst zal staan, denk ik de 10.000m.’

Terugkijkend op de nationale crosstitels vind hij zijn eerste nationale titel de meest aansprekende. De eerste was in Apeldoorn. Ik kan me herinneren dat ik op de heuvel heb aangezet en met overmacht won. Dat is me altijd bijgebleven. Een andere titel die mij aanspreekt was het NK in Harderwijk bij die triatlon vereniging in 2003. Toen ben ik bij de start weggelopen en heb dat NK gewonnen met anderhalve minuut verschil. Het startschot ging en twee bochten daarna lag ik al los. Dat was echt een jaar waarin alles lukte. Dat is het jaar waarin ik achtste in Parijs werd en later dat jaar het Nederlands record van Gerard Nijboer aanscherpte.’

Advertenties
2 reacties leave one →
  1. 4 oktober 2011 22:08

    Dan zie ik je graag bij de 1 v.d. 4 crossen: http://www.dekoplopers.nl/nl/loopkalender/1vd4/2011-2012/

  2. 4 oktober 2011 10:28

    Crossjes? Heerlijk om te doen, over bospaadjes te raggen, los zand, heuveltjes. Ja…je wordt er moe van maar is 5’nadat je bent gestopt alweer over.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: